Chapter 10


The Core Wound

Q: Robert, you said, “As far as I know, suffering is inherent in being regardless of what one believes or disbelieves. The idea that one can simply discard a particular belief and so do away with all suffering in life, appears, from my perspective, as a naïve form of denial called ‘idealism.’”

This is a message I have heard you deliver again and again. I have recently been reading something by a guy called Saniel Bonder, and it chimes with what you have been saying. He says, in a nutshell, that everybody feels as if something is missing at the core of life; that it is really hard to be here; that nothing is ever enough; that everyone is homeless; everyone has an anxious heart; we are always only equalizing pressures, and that this “core wound” can never be actually healed. But to become conscious of it, in it and as it, brings great relief.

These, and your uncompromising words to the same effect, have hit home to me, in spite of my protestation. I now see that the spiritual search has been an attempt to escape from this realization; that actually all I am is the plain and simple fact of my own self, being here, now, in all my brokenness and futility, bashing about like a bee in jam-jar. And that, paradoxically, is the source of great relief.

As the Zen master said “no more having to be perfect.” Rave on, Robert!

A: What you have called the “core wound” is our humanity, our mortality, our place in Great Nature—everything about us, in other words, that the seekers of “perfection” are trying to deny.

Q: Thanks, Robert. Actually, I’m checking in with you to see if my understanding is correct. I know I shouldn’t have to, but it is good to get confirmation that I’m on the right track.

A: I see no should or shouldn’t about wanting confirmation of your fresh understanding. Notwithstanding the adoration of such figures as Nisargadatta, Ramana Maharshi, etc., they all needed confirmation at a certain point, just as I did, and just as you do.

Q2: Robert, you said, “Speaking only for myself, I can feel very much an individual presence, while at the same time feeling part of a greater whole.”
Questions:

  1. Do you feel an independent, separated presence, while at the same time feeling part of a greater whole?
  2. Would an independent, separated “self”, by definition, feel part of a greater whole?
  3. Isn’t being bound to that belief of separation, if such is the case, binding one to a state of suffering as long as the belief is being held?

A: I would not say that the sense of individual presence is a “belief.” I say that a sense of oneself as a living being—a human being—is an experience with which all humans I have ever known are intimately familiar. I do not ask you to agree. That is simply how it looks to me.

Instead of posing hypothetical questions, why not just look at your own life with complete honesty? Do you suffer or not? If you do suffer—ever—then your words here, particularly question number 3, constitute only a belief in hearsay, not some knowledge of your own. Hearsay may be good enough for you, but does nothing for me. If, on the other hand, you have no sense of individual presence, and so never suffer at all, then why do you care what I say?

De kernwond

[1]V: Robert, je zei: "Voor zover ik weet, is lijden inherent aan het bestaan, ongeacht wat men gelooft of niet gelooft. Het idee dat je eenvoudigweg een bepaald geloof overboord kunt gooien en zo alle lijden in het leven kunt wegnemen, komt op mij over als een naïeve vorm van ontkenning, die 'idealisme' wordt genoemd."

[2]Dit is een boodschap die ik je keer op keer heb horen brengen. Ik heb onlangs iets gelezen van ene Saniel Bonder, en dat sluit aan bij wat je hebt gezegd. Hij zegt, in een notendop, dat iedereen het gevoel heeft dat er iets ontbreekt in de kern van het leven; dat het echt moeilijk is om hier te zijn; dat niets ooit genoeg is; dat iedereen ontheemd is; dat iedereen een bang hart heeft; dat we altijd alleen maar spanningen proberen uit te vlakken, en dat deze "kernwond" nooit echt geheeld kan worden. Maar je bewust worden van en als de kernwond, brengt grote verlichting.

[3]Deze en jouw onverbiddelijke woorden van dezelfde strekking hebben mij getroffen, ondanks mijn protest. Ik zie nu dat de spirituele zoektocht een poging is geweest om aan dit besef te ontsnappen; dat wat ik eigenlijk ben slechts het simpele feit is van mijn eigen ik, hier en nu, in al mijn gebrokenheid en zinloosheid, rondbeukend als een bij in een jampot. En dat, paradoxaal genoeg, is de bron van een grote opluchting.

[4]Zoals de Zen meester zei "Geen noodzaak meer om perfect te zijn. Ga zo door, Robert!"

[5]A: Wat jij de "kernwond" hebt genoemd is onze menselijkheid, onze sterfelijkheid, onze plaats in de Grote Natuur - alles aan ons, met andere woorden, wat de zoekers naar "perfectie" proberen te ontkennen.

[6]V: Dank je, Robert. Eigenlijk ben ik bij jou aan het toetsen of mijn begrip juist is. Ik weet dat ik dat niet zou moeten doen, maar het is goed om bevestiging te krijgen dat ik op het juiste spoor zit.

[7]A: Ik zie geen moeten of niet moeten in het willen van bevestiging van je nieuwe inzicht. Niettegenstaande de adoratie van figuren als Nisargadatta, Ramana Maharshi, etc., hadden zij allen op een bepaald punt bevestiging nodig, net als ik, en net als jij.

[8]V2: Robert, je zei: "Als ik alleen voor mezelf spreek, kan ik heel erg een individuele aanwezigheid voelen, terwijl ik me tegelijkertijd deel voel uitmaken van een groter geheel." Vragen:

  1. Voel jij een onafhankelijke, afgescheiden aanwezigheid, terwijl je je tegelijkertijd deel voelt uitmaken van een groter geheel?
  2. Zou een onafhankelijk, afgescheiden "zelf" zich, per definitie, deel voelen van een groter geheel?
  3. Is gebonden zijn aan dat geloof van afgescheidenheid, als dat het geval is, niet gebonden aan een toestand van lijden zolang het geloof wordt vastgehouden?

[9]A: Ik zou niet zeggen dat het besef van individuele aanwezigheid een "overtuiging" is. Ik zeg dat het besef van zichzelf als een levend wezen - een menselijk wezen - een ervaring is waarmee alle mensen die ik ooit gekend heb intiem vertrouwd zijn. Ik vraag je niet het daarmee eens te zijn. Dat is gewoon hoe het op mij overkomt.

[10]In plaats van hypothetische vragen te stellen, waarom kijk je niet gewoon eerlijk naar je eigen leven? Lijdt je of lijdt je niet? Als je lijdt - ooit - dan zijn je woorden hier, met name die van vraag 3, slechts een geloof in wat je van horen zeggen vernomen hebt, niet in enige kennis van jezelf. Van horen zeggen kan goed genoeg zijn voor jou, maar doet niets voor mij. Als je daarentegen geen besef hebt van individuele aanwezigheid, en dus helemaal nooit lijdt, wat kan het je dan schelen wat ik zeg?