De ontdekking


mijn broek Wat voor mij hier en nu absoluut werkelijk is, is het typen van deze woorden op het klavier van mijn laptop. Het typen maakt geluid. Ik zie het scherm en wat dingen rond het scherm en hoor ondertussen ook een haan kraaien in de verte. Ik heb jeuk aan mijn armen door een zonne-allergie en mijn linker wijsvinger doet zeer. Honger heb ik ook. Het is tijd om te lunchen. Buiten zie ik door het raam dat het mooi weer is. Ondertussen zijn er ook nog gedachten over hetgeen ik aan het schrijven ben en hoe ik het verder zal doen...

En zo ervaar ik mijn werkelijkheid als, en in, een vloeiende stroom van indrukken. Meer is er niet. Meer weet ik niet. Misschien droom ik dit allemaal, maar dat doet er niet toe. Het is hoe dan ook het enige wat ik op dit moment ervaar en werkelijk ken.

Al het andere dat ik meen te kennen geloof ik slechts en dat op grond van, hopelijk, redelijke argumenten. Ik geloof bijvoorbeeld dat ik nu niet droom en dat mijn vriendin die naast mij zit ook echt bestaat, ongeveer op dezelfde manier als ik.

Ik geloof verder dat dit lichaam 68 jaar geleden is geboren, met de jaren (nog meer) zal verslijten en dat het op een dag zal sterven. Ik vind dat redelijk, want dat is wat ik om mij heen zie gebeuren met mensen en andere levende wezens. Ik geloof ook dat de bewuste ervaring dan voorgoed zal verdwijnen, maar zeker weten doe ik dat niet.

Ik maak momenten mee dat ik mij goed voel en momenten dat ik mij minder goed of zelfs slecht voel. Ik ben meestal goedgemutst en zorgeloos, maar soms ook angstig, kwaad, jaloers, behoeftig, verveeld, verdrietig, versuft. Ik zie dingen in de wereld die mij enorm beangstigen, of kwaad maken. En vijf minuten later moet ik wenen van ontroering bij het zien hoe gelukkig onze honden zijn als ze kunnen rennen. Ik doe mensen pijn en word pijn gedaan. Het gebeurt allemaal.

Wat valt hier nog aan toe te voegen? Van moment tot moment, DIT is het. Zo simpel als dat. En ik doe er niks voor. Ik kan er ook niets aan doen. Ik tref de wereld aan, kant en klaar. De klok tikt boven de schoorsteenmantel. Ik kijk naar mijn handen die toetsen intypen. Soms wachten de handen even en gaan dan weer verder. Oeps, spelfout. Tik tik tik. De nasmaak van koffie.

De wereld is een overweldigende en verbluffende ervaring. De nachtelijke hemel, alle planten en dieren, de steden en dorpen, de bergen om mij heen. Het functioneren van mijn lichaam, de dromen in mijn slaap, de mensen die ik ontmoet. Herinneringen.

Zo gewoon, zo buitengewoon.

asti

"Truly, we live with mysteries too marvelous to be understood.
How grass can be nourishing in the mouths of the lambs.
How rivers and stones are forever in allegiance with gravity while we ourselves dream of rising.
How two hands touch and the bonds will never be broken.
How people come, from delight or the scars of damage, to the comfort of a poem.
Let me keep my distance, always, from those who think they have the answers.
Let me keep company always with those who say "Look!" and laugh in astonishment, and bow their heads."

Mary Oliver, "Mysteries, Yes"